Dag 06 Lezen

Sinds enkele dagen ben ik aan het lezen in het boek Jeruzalem. Ik ben nu aangekomen bij de tijd van de Romeinen die ergens in de eerste eeuw voor Christus deze stad en omliggende gebieden bezetten. Het is lang geleden dat ik het vak oude geschiedenis heb gevolgd en het is bizar om te lezen hoe vaak steden in die tijd wel niet geplunderd en uitgemoord werden. De politiek van toen was zeer instabiel, koningen volgden elkaar in wat een rap tempo lijkt op en waren vooral uit op strijd, macht, land en schatten. Ze stonden elkaar haast allen naar het leven en het grootste gevaar kwam vaak uit eigen familie. Nieuwe rijken ontstonden, groeiden, veroverden en vergingen. Het geloof moest zich vaak aan de bezetters aanpassen, al kreeg het monotheïsme houvast. Met inwoners van de veroverde gebieden liep het zelden goed af, bijna altijd gingen de veroveraars tekeer als beesten. Steden werden tot de grond toe gelijk gemaakt. Jeruzalem verschillende keren. Lees verder

Dag 03 Over aansluiting

Een centraal thema van de reis is onderwijs. Gisteravond zag ik daarover een interessante documentaire op de VPRO, Tegenlicht. De documentaire schetste hoe de veranderde maatschappij van nu en de nog onbekende maatschappij van straks vragen om een verandering van het onderwijs. Aan de hand van drie scholen werd getoond hoe het onderwijs er anders uit kan zien en hoe de leraar van de toekomst daaraan vorm kan geven. Ik heb nu een dag na kunnen denken over de aflevering en ik kan alleen maar zeggen dat deze zeer inspirerend werkte en werkt. Natuurlijk, ik zag best wat voorbeelden van lessituaties waar ik wat twijfels bij had, maar ik zag vooral heel veel bevlogen collega’s die toplessen neerzetten, steeds vanuit de idee aan te sluiten bij de leerlingen en onderwijs samen met elkaar te maken. Lees verder

De Verlichting

Kenmerkend aspect 27: Rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen.

De Verlichting is de naam voor een periode die ongeveer samenvalt met de 18e eeuw. De periode wordt gekenmerkt door een nieuwe manier van denken. Problemen in de samenleving konden worden opgelost door het verstand, de ratio te gebruiken. Deze nieuwe manier van denken zien we echter ook al in de tweede helft van de 17e eeuw. De naam is achteraf gegeven aan deze periode en verwijst naar licht dat gaat schijnen in de duisternis. Het woord verlichting draagt in zichzelf optimisme mee, want waar het eerst nog donker was, gaat het licht van de kennis schijnen. In het Duits gebruikt men de term Aufklärung voor deze periode, dat betekent zoiets als verklaring of opheldering, en ook die naam laat in de basis het idee van vooruitgang en verbetering zien. Lees verder

Johan van Oldenbarnevelt wordt onthoofd, 1619

Kenmerkend aspect: De bijzondere plaats in staatkundig opzicht en de bloei in economisch en cultureel opzicht van de Nederlandse republiek

Het bestuur van het gewest Holland werd voor een belangrijk deel geleid door de raadspensionaris. Hij bepaalde voor een belangrijk deel de agenda van Statenvergadering en voerde de afgevaardigden van het gewest in de Staten-Generaal aan. Daarnaast onderhield hij contacten met het buitenland. Omdat het gewest Holland in de Republiek het meest welvarend was en daardoor ook de hoogste belasting afdroeg, was de functie van de raadspensionaris één van de belangrijkste in de Republiek. Naast een raadspensionaris was er ook een stadhouder. Deze voerde de legers en vloot van de gewesten aan in tijden van oorlog. Omdat de Republiek in oorlog was met Spanje was ook deze functie erg belangrijk.  Vanaf 1585 was Maurits de stadhouder van Holland en Zeeland (en later ook van andere gewesten), vanaf 1586 was Johan van Oldenbarnevelt raadspensionaris van Holland. Lees verder

Coen verplaatst het bestuurscentrum van de VOC naar Batavia, 1619

Kenmerkend aspect: Wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie

Op het einde van de 16de eeuw voeren Nederlandse handelaren wel bij hun handelscontacten met de Spanjaarden. Ook al was er oorlog, toch was er een levendige handel in specerijen, wijn, zijde en verfstoffen tussen handelaren van de twee vijanden. De handelaren van de Republiek verkochten  deze weer door aan heel Noordwest-Europa. Het leverde de Republiek een enorme rijkdom op. In 1598 stelde Filips II daarom een handelsembargo met de Nederlanden in. Zijn besluit werkte echter averechts. De Nederlanders gingen zelf op zoek naar de producten en investeerden veel geld in het opzetten van winstgevende handelsroutes. Zij zouden daarin zeer succesvol zijn. Lees verder