Dag 01 In retrospectief

Als ik dit schrijf is het eigenlijk al 1 februari en heb ik me net een dag te laat gerealiseerd dat ik over 40 dagen in Israël zal aankomen, over 39 dagen dus. Ik mag van school op een studiereis over leiderschap, onderwijs en spiritualiteit, een reis die plaatsvindt naar een gebied waar één van de wortels van onze eigen beschaving ligt waardoor voor mij het thema geschiedenis en samenleving ook een rol zullen spelen. Toen ik de 39 dagen telde in mijn agenda, moest ik denken aan de traditionele veertigdagentijd, de periode voor pasen die in de christelijke kerk de mensen uitnodigt tot inkeer, bezinning en gebed. Ik ben niet christelijk (voor zover dat kan in Europa), maar geloof wel in de kracht van ritueel en bezinning en dus nam ik me voor om in de veertig dagen naar het begin van de reis me elke dag te bezinnen op de thema’s van de reis, in de breedste zin van het woord.

Waarom dag 1 dan toch een geldige dag is? Ik was gisteren in Rotterdam voor het filmfestival. Ik houd van films en probeer sinds enkele jaren een dag tijdens het IFFR te vullen met wat onbekende, spannende en verrassende films. Om 19:00 begon de laatste film van mijn IFFR-dag, Mita Tova, in het Engels The Farewell Party. Deze Israëlische film vertelt over een groep bejaarde vrienden in Jeruzalem. Ze komen voor het moeilijk bespreekbare, maar onafwendbare einde van hun zieke vrienden te staan. Aan de ene kant roept de maatschappij om het zo lang mogelijk in leven houden van terminaal zieken met medische hulp. Dat wordt gezien als het hoogste goed. Aan de andere kant staat het uitzichtloze lijden dat daar soms mee gepaard gaat. De film brengt de moeilijkheid van dit dilemma waar geliefden mee te maken kunnen krijgen in beeld en daarmee een onderwerp dat onbespreekbaar is. Wat is eigenlijk houden van? Wanneer luister je naar een zieke en wanneer naar wat de norm is? De groep vrienden gaat tot actie over door een machine te maken waarmee de terminale patiënten zichzelf op menswaardige wijze van het leven kunnen beroven. De regisseur brengt het geheel soms vol humor en dan weer heel droevig in beeld waardoor een lach en een traan dicht bij elkaar komen bij het zien van deze film.

Naast de tragiek van het onderwerp, kreeg ik een kort kijkje in de stad Jeruzalem. Ik vond het verrassend om te zien hoeveel het leven in Jeruzalem in deze film leek op dat van ons leven hier. Ergens heb ik steeds beelden van een heel ander soort samenleving, gevoed door de media, maar wat ik zag van deze groep mensen leek erg op wat je hier in Nederland ook ziet. Ziekenhuis, bejaardenzorg, de stad, de snelwegen, de relaties tussen mensen, omgangsvormen, normen en waarden. Alleen de begraafplaats, ergens halverwege de film, was anders want die bestond uit meerdere verdiepingen als een soort parkeergarage voor de lichamen. De film maakt mijn reis spannender. Ik zal over 40 dagen in het vreemde mijn eigen samenleving herkennen, maar intussen ook de vele andere kanten zien van Israël, de kanten waarover je leest op de buitenlandpagina’s van de kranten. Er restte mij een vraag. Kan ik die andere kanten straks ook begrijpen vanuit mijn eigen denkkader en vanuit dat wat vertrouwd voelt?